15 juni 2026

Lessen van een stille Mina, mijn moeder - 2

De eerste "les" van mijn moeder, de stille Mina, geeft al aan wat haar mentaliteit was: laat je geen gedragingen aanpraten aan de hand van verouderde rolpatronen, wees een individu en bepaal je eigen gedrag. 

Nog zo’n voorval van “stil” protest tegen de conservatieve, ongelijke, orde van die tijd: tijdens het voorleggen van de schoolkeuze voor mij in de zesde klas (nu groep acht) probeerde de hoofdonderwijzer, tevens ook de onderwijzer van deze hoogste klas van de katholieke lagere school, mijn moeder er van te overtuigen dat huishoudschool, heel misschien Mavo voor mij de geschikte keuze zou zijn. Mijn moeder antwoorde toen heel kordaat dat ‘t Rijks dat wel uit zou maken (Rijksscholengemeenschap in onze woonplaats, toen Mavo, Havo en Atheneum) omdat ze me daar al had ingeschreven.

Eind dat jaar toog ik met het kerstrapport van ‘t Rijks terug naar deze hoofdonderwijzer om hem te laten zien dat mijn puntenlijst uit zevens en achten bestond en wees hem vooral op de laatste zin het dat rapport: dat deze cijfers gerealiseerd waren op Havo-niveau.

Op de grote middelbare school kwam ik drie klasgenoten van de lagere school tegen, alle drie jongens. De meisjes uit mijn lagere school klas waren allemaal braaf naar de huishoudschool, heel misschien Mavo gegaan. Mijn eindresultaat bestond uit 5 zevens en 1 acht op mijn Havo diploma.

Niet dat ik ooit iets tegen de huishoudschool zelf heb/had, ik zou zelfs willen dat deze goede praktijkopleiding weer in het leven wordt geroepen, maar het is/was niets voor mij geweest - ik ben pragmatisch, niet echt “praktisch” aangelegd. Ik studeer liever dan dat ik de was doe. Maar als het niet aan mijn moeder, de stille Mina, had gelegen was ik daar wel terecht gekomen - omdat dat nu eenmaal het vaste rollenpatroon was: meisjes naar de huishoudschool, heel misschien Mavo; jongens vooral naar de Havo of Atheneum, Tegenwoordig zijn meisjes/vrouwen gelukkig meer en meer hoger opgeleid dan jongens/mannen, maar het gevaar blijft om de hoek liggen. Neem nu de Tate-marionetten en conservatieve/rechtse politieke partijen zoals Forum voor Democratie, de SGP, de PVV, Ja21, BVNL (lijst Haga) die gelijkwaardigheid vooral "woke" vinden en niet bij de Nederlandse traditie/cultuur horen. Tegen hen wil ik zeggen: sorry, maar de meerderheid van Nederland (50,3% van de Nederlandse bevolking is vrouw!) laat zich niet meer/weer als tweederangsburger wegzetten.

Mijn moeder liep niet met spandoeken, deed niet mee aan protestmarsen. Ze deed haar kleine, stille en kordate daden, een stille Mina die voor mij een wereld van verschil maakte.

Ik treed zo vaak als het moet in de voetsporen van mijn moeder, de stille Mina - altijd gedaan en zal dit ook blijven doen. Het is, jammergenoeg, nog steeds nodig.

Dus: als jij, als meisje/vrouw hier in Nederland, wilt dat de bevochten rechten niet wederom worden afgekalfd/ontnomen - wordt dan een Mina. Een Dolle of Stille, dat maakt niet uit, als je maar een Mina wordt! 

En zorg voor een stille revolutie!


Kies het verfdoosje als je niets met kralen hebt!
(Klik op bovenstaande zin wat het nut van het verfdoosje is)

 

 


13 juni 2026

Lessen van een stille Mina, mijn moeder - 1

 Wat hier aan vooraf ging

Een tweetal weken geleden las ik op LinkedIn een artikel over het boek Fobfeminisme van Lisa Loeb. Dat heb ik toen direct gekocht en al lezend, en het is geen luchtig boek, besefte ik een aantal dingen:

  1. ik ben, weer eens, een buitenbeentje: nooit getrouwd (ja, bij de notaris = samenlevingscontract), heb geen kinderen (bewuste keuze), werk pas sinds m’n 62-tigste in deeltijd - daarvoor 40, of meer uur per week, en ben ik in het overgrote gedeelte van mijn werkleven de zgn “kostwinner” geweest - oftewel verdien(de) meer dan mijn partner(s).

  2. gaat de (huidige) politiek niets veranderen aan de genderongelijkheid: ja, wij vrouwen hebben dezelfde kansen maar krijgen ze niet door conservatief beleid en het in stand houden van de verschillende mythes: de mythe van het gidsland, van de meritocratie, van de vrije keuze en van de natuurlijke verschillen. Ik verwijs je graag naar het Fobfeminisme voor verdere uitleg over deze hardnekkige mythes.


Ik kom dan ook tot de conclusie dat wij vrouwen het dan zelf maar moeten doen.


En toen dacht ik aan mijn moeder.


Een stille Mina

Ken je de term Dolle Mina (nog)?
Dolle Mina is een feministische groep en beweging, die in 1969 voortkwam uit studenten, jongeren uit de Socialistische Jeugd en werkende vrouwen. Van 1970 tot 1978 voerde zij actie voor gelijkberechtiging van mannen en vrouwen.” aldus Wikipedia. Deze groepering werd in 2013 nieuw leven ingeblazen om nu o.a. grotere en betere aandacht te krijgen voor femicide. 

Mijn moeder, Dini, was ook een Mina, maar een stille. Ze deed niet mee aan protestmarsen, ze liep niet met spandoeken, ze ging gewoon stilletjes maar kordaat haar eigen recht halen.


Mijn moeder en ik verschilden enorm in karakter. Zij, met sterrenbeeld leeuw, stond zoveel mogelijk vooraan, als zij er niet bij was ging het niet door. Voor mij, pragmatische steenbok, hoeft dat allemaal niet zo nodig. Allebei houden we van gezelligheid, voor haar hoe groter de groep hoe beter het was, terwijl ik liever knusse gezelligheid zoek waar we met een klein groepje mensen met goede discussies de wereld recht zetten. Zij ging er prat op dat ze belangrijke mensen in haar kennissenkring had, artsen, wethouders kende ze persoonlijk en sleurde iedereen mee om met hen kennis te maken. Voor mij maakt het niet of je een directeur, een arts, een wethouder of een interieurverzorgster bent, in mijn ogen zijn we gewoon gelijk.

Ik vond mijn moeder oppervlakkig, zij vond mij te serieus. 

Mijn stiefzus wist het typerend te duiden tijdens het (stief)familie overleg over de uitvaart van moeders: mijn moeder was geen “moeder” moeder. Ze moederde niet, ze zat niet klaar met thee als wij  uit school kwamen, we mochten al blij zijn dat ze thuis was!

En toch, ze had de mentaliteit: jij mag jezelf zijn, wat anderen ook vinden; en heeft dat op mij overgebracht - stilletjes. Ze heeft me dus niet volgens het vaste rollenpatroon opgevoed: jij bent een meisje, dus… Nee, ik werd als individu gezien en zo ook opgevoed. Dat merkten ze al op de kleuterschool....


Wij waren pas verhuisd naar een nieuwe wijk en samen met een straatgenoot werd ik naar een tijdelijke kleuterschool gebracht, de nieuwe wijk had zoveel kleine kinderen dat er een wachtlijst voor de gewone, en ook nieuwe, kleuterschool was. Dit was de tweede helft jaren zestig, ik zal zo’n 5 jaar geweest zijn. Op deze dependance werd ook aan Sinterklaas gedaan: alle kinderen mochten van een grote tafel een cadeautje kiezen. Omdat mijn straatgenoot en ik als laatste waren toegevoegd moesten wij dus tot het laatst wachten. Er lagen nog twee cadeautjes: een doosje kralen en een verfdoosje. Dames gaan voor, dus ik koos het verfdoosje - ik heb niets met kralen. Paniek! Je kunt een jongen toch niet met kralen afschepen! Het verfdoosje werd uit mijn handen getrokken en heel gauw verwisseld met het doosje kralen. Volgens mij was ook mijn straatgenoot zwaar teleurgesteld, maar dat weet ik dus niet zeker. Wat ik wel zeker wist was mijn eigen teleurstelling, ik had niets met kralen, wat moest ik met dat stomme doosje? De kleuterleidsters vertelde het verhaal in geuren en kleuren tegen mijn moeder om uit te leggen waarom ik op deze Sinterklaasdag boos keek, mijn moeder gaf me geen standje, ze haalde haar schouders op tegen de leidsters en maakte het af door te zeggen: ja, dat is mijn dochter, die heeft een eigen wil.

Precies, een eigen wil als individu. Niet wat politieke stromingen, religies of de Tate-marionetten vinden dat ik, als meisje/vrouw zou moeten willen.



Kies het verfdoosje als je niets met kralen hebt.



Wordt vervolgd.

Klik op bovenstaand voor het vervolg